De tentoonstelling onderzoekt de geschiedenis en de culturele betekenis van deze shows, vanaf de eerste vormen rond 1900 tot vandaag.
Ze brengt creaties samen van modehuizen als Azzedine Alaïa, Balenciaga, Chanel, Dior, Gucci, Maison Martin Margiela, Prada, Viktor & Rolf, Louis Vuitton, Yohji Yamamoto en vele anderen.
Originele kledingstukken uit collecties, film- en fotomateriaal, decorstukken en uitnodigingen brengen meer dan honderd jaar modegeschiedenis tot leven op de catwalk. Ook worden enkele stukken getoond die voorheen nog nooit de archieven hebben verlaten.
Centraal staat de modeshow als een ‘Gesamtkunstwerk’: een totaalkunstwerk waarin
verschillende kunstvormen samenkomen. Wat begon als een intieme presentatie in Parijse salons, is uitgegroeid tot een wereldwijd evenement waarin architectuur, scenografie, choreografie, belichting, geluid en rekwisieten samensmelten tot een gelaagde narratieve ruimte.
De tentoonstelling is ondergebracht in vier zalen, die elk zijn ontworpen om de stijl van
een bepaalde periode te weerspiegelen. Samen brengen ze de belangrijkste ontwikkelingen van de modeshow in beeld: van het exclusieve coutureatelier tot experimentele prêt-à porterpresentaties, van de klassieke catwalk tot hedendaagse digitale performances.
Daarbij wordt duidelijk dat modeshows altijd een weerspiegeling zijn van lichaamsidealen en maatschappelijke veranderingen, en dat ze vragen oproepen over hun onderliggende motieven.
Welke mythes, waarden en dromen worden erin uitgedragen? Welke verhalen vertellen ze en welke machtsstructuren brengen ze in beeld? Wat onthult een modeshow over de gepresenteerde collectie én over de tijd waarin die is ontstaan?